Pagina 1 van 1

Vraag 13 en 14

Geplaatst: 11-05-2019 08:54
door Christine Brackmann
Bij 14: de kern lijkt mij 'handelen' (tekstfragment 1) versus 'empathie'(alinea 13).

Geplaatst: 11-05-2019 08:58
door Matthijs603
Dat lijkt mij ook, maar ik twijfelde hierdoor wel al bij vraag 13. Daar kon ik geen goede zin kiezen (twijfelde tussen de laatste 2 van alinea 13) vanwege dit verschil..

Geplaatst: 11-05-2019 09:01
door Christine Brackmann
Herkenbaar, die twijfel bij 13. Ik vond 'Media kunnen... tot emphatie" uiteindelijk de beste, omdat Konijn het specifiek over het effect van de media heeft. De eennalaatste zin van alinea 13 is veel algemener gesteld.

Geplaatst: 11-05-2019 09:08
door Matthijs603
Ik ben wel voor die eennalaatste zin gegaan, omdat ik 'aanzetten tot maatschappelijke betrokkenheid' meer op 'handelen' vond lijken dan 'aanzetten tot empathie'. Maar eigenlijk vond ik ze op dit punt beide niet zo goed passen. De laatste zin gaat inderdaad wel veel duidelijker over het effect van de media, heel goed mogelijk dat die zin dus het antwoord gaat zijn.

Re: Vraag 13 en 14

Geplaatst: 11-05-2019 22:27
door Herma
Christine Brackmann schreef:Bij 14: de kern lijkt mij 'handelen' (tekstfragment 1) versus 'empathie'(alinea 13).
Mmm, bij vraag 14 volgde ik een andere gedachtegang. Mijn antwoord: Bij tekstfragment 1 gaat het om emotionele reacties die met de persoon in kwestie zelf te maken hebben; in alinea 13 gaat het om emotionele reacties die gericht zijn op anderen, om empathie.

Helemaal fout begrepen?

Geplaatst: 12-05-2019 03:01
door Ben Salemans
Ik twijfel ook.
Bij 13 vond ik ook de zin "Media kunnen ... tot empathie" (r. 251-254) het beste.
Bij 14 had ik: "In tekstfragment 1 wordt gesteld dat de emotionele reactie van een individu op wat de media hem voorspiegelen vooral een reactie is die voortkomt uit eigen wensen, verlangens en behoeftes. In alinea 13 wordt die emotionele reactie gekoppeld aan empathie".

Geplaatst: 14-05-2019 09:00
door RobP
Bij 14, alinea 13: kan 'maatschappelijke betrokkenheid' in plaats van 'empathie'?

En is bij het tekstfragment het antwoord van Marc van Oostendorp, 'Het gaat niet om het tijdelijk meeleven met het personage', goed te rekenen?